Nachtmerrie in 't ziekenhuis 

Vrijdag, 15 februari 2019

Hoera! Eindelijk lig ik in het ziekenhuis. Geweldig, wat een aardige mensen. Heel vriendelijke en toegewijde dokters en verplegers, maar vooral ontzettend leuke, lieve verpleegsters. Wat een schatten zijn dat en ook van die knapperds. Ik heb gewoon in mijn bed genoten en wil hier voorlopig wel blijven. Zo fijn werd ik in alle rust verzorgd. Maar ja, er moet wel gezaagd en getimmerd worden om mijn knie te repareren.

Ik hoopte dat het lekker sereen zou blijven en mijn tennisvrienden niet de rust komen verstoren. 
Ik heb geprobeerd de opnamedag geheim te houden. Helaas moest ik daarvoor enkele keren de waarheid verdraaien. Sorry, vrienden.
Maar iedereen die steeds geïnteresseerd heeft gevraagd wanneer de operatie eindelijk zou plaatsvinden, heel hartelijk dank voor de belangstelling.


Helaas moest ik wel een beetje de boel misleiden, want anders komen een paar zogenaamde tennismaten gegarandeerd als gekken rond mijn bed de polonaise lopen, of met een mand met kunstfruit dollen, zoals bijvoorbeeld met appels of peren op de kamer gaan gooien.
Dat hadden ze beloofd en ik ken ze; ze zijn er toe in staat om het nog te doen ook. Dus daarom vreesde ik dat de rust ernstig verstoord zou gaan worden als de opnamedatum bij ze bekend werd.


Maar het allerbelangrijkste was toch wel dat de operatie is geslaagd en ik een stuk meer waard ben geworden door die nieuwe knie van titanium. Ik kan nu gaan revalideren en let op: ik ben weer in een mum van tijd terug op het tennispark.
Ik zal die zogenaamde vrienden eens laten zien wat het verschil is tussen een krakkemikkige en een nieuwe knie. Over een poosje zal ik, naast mijn geweldige techniek ook een enorme loopsnelheid laten zien, net zoals vroeger.

 

Zatedag, 16 februari 2019:

Ja hoor, het is tóch gebeurd. Enkele druktemakers zijn mijn kamer binnengedrongen onder het zingen van liederen, zoals: Geef mij maar Amsterdam en Oh when the Saints. Ik probeerde nog mijn hoofd onder de lakens te stoppen, maar ze ontdekten mij natuurlijk en hebben de hele zaal op zijn kop gezet. Tot mijn grote schrik werd ik ook nog met bed en al van de zaal weggereden en buiten voor het ziekenhuis geparkeerd, waarna iedereen wuivend en juichend wegliep naar de parkeergarage. Daar lag ik dan, moederziel alleen buiten op een koude februaridag.

‘Meneer, meneer,’ hoorde ik iemand zachtjes roepen.
‘Meneer, u moet wakker worden voor uw medicijnen.’
Ik deed mijn ogen langzaam open en zag dat ik weer gewoon op de zaal lag en een lieve verpleegster naast mijn bed stond.
‘Wat is er gebeurd, zuster?’
‘Niets hoor. U bent in slaap gevallen.’
‘Is mijn bed niet van de parkeerplaats naar binnen gereden, dan?’
‘Ha, ha, ha. Wat bent u leuk, zeg. Nee hoor, u bent gewoon in slaap gevallen.’

Tjeetje, dat krijg je dan als het zo rustig is op de zaal. Heb ik het dus allemaal een droom. Beter gezegd: het was een nare nachtmerrie, dankzij die leuke tennisvrienden.
Uit puur geluk reageerde ik: 'Vind je mij echt leuk, zuster? Nou, ik vind u erg lief.'


18-02-2019

Opmerking voor mijn ostensibele vrienden:
Beste luitjes, als jullie nog iets bijzonders met mij van plan zijn, vergeet het.
Wanneer jullie dit lezen ben ik elders voor mijn revalidatie.
Ha, ha, ha.

 
Wil je meer blogs lezen? Klik HIER voor de titellijst.